Aftrekken: Met de hand een man laten klaarkomen door de eikel te stimuleren.
Age of consent: Leeftijd waarop het wettelijk is toegestaan om seks te hebben. Deze leeftijd is in Nederland 16 jaar. Lange tijd werd er verschil gemaakt tussen de leeftijd waarop je heteroseks mocht hebben (16 jaar) en de leeftijd waarop je homoseks mocht hebben (21 jaar).
Aids: De ziekte die het afweersysteem aantast, veroorzaakt door het hiv-virus.
Anaal neuken: Neuken in de anus oftewel het poepgaatje.
Anonieme seks: Seks met iemand die je niet kent. Sommige mannen hebben seks met andere mannen op speciale ontmoetingsplaatsen.
Anus: Poepgaatje.
Artikel 248bis: Het artikel in het Nederlands Wetboek van Strafrecht waarin stond dat homoseks niet was toegestaan onder de leeftijd van 21 jaar, terwijl voor heteroseks de leeftijd van 16 jaar gold. Dit artikel is in 1973 afgeschaft. Toen is de age of consent voor homoseks en heteroseks gelijkgetrokken tot 16 jaar.
Baan: Ontmoetingsplaats waar mannen anoniem andere mannen ontmoeten, versieren en seks met elkaar hebben. Banen bevinden zich in delen van parken of op parkeerplaatsen.
Beffen: Met de tong een vrouw laten klaarkomen door de clitoris te stimuleren, ook wel likken genoemd.
Biologische moeder/vader: De biologische moeder is de vrouw die het kind heeft gebaard, de biologische vader is de man die het kind heeft verwekt.
Biseksualiteit: Seksuele voorkeur voor mannen en vrouwen.
Chlamydia: Soa (geslachtsziekte) die je kunt oplopen door een bacterie.
Combinatietherapie: Zware medicijnkuur waarmee de werking van het hiv-virus onderdrukt kan worden en de ziekte aids uitgesteld kan worden. Ook wel hiv-remmers genoemd.
Coming out: Moment waarop iemand voor het eerst aan zijn of haar omgeving vertelt dat hij of zij homoseksueel is
Dildo: Langwerpig speeltje bedoeld om te neuken.
Discriminatie: Onderscheid maken op grond van een bepaalde eigenschap, zoals huidskleur, geslacht of seksuele voorkeur.
Drag king: Vrouw die optreedt als man.
Drag queen: Man die optreedt als vrouw.
Draagmoeder: Vrouw die zwanger wordt voor een ander: zij staat haar kind na de bevalling af. Homoseksuele mannen en heterovrouwen die zelf geen kinderen kunnen krijgen, kunnen gebruik maken van een draagmoeder om een kind te krijgen.
Flikker: Benaming voor homoman, soms gebruikt als scheldwoord, soms als positieve benaming.
Gay: Engels woord voor homo, betekende oorspronkelijk 'vrolijk'. In Nederland en België gebruiken zowel mannen als vrouwen het woord om zichzelf te benoemen.
Gay Games: Groots internationaal sportevenement voor homoseksuele sporters. Net als de Olympische Spelen om de vier jaar georganiseerd in een andere stad.
Gay Pride: Festivals voor homoseksuele mannen en vrouwen, over de hele wereld georganiseerd. Vast onderdeel van de Pride in Amsterdam is de Canal Parade, een optocht van versierde boten.
Gay bashing: Lastig vallen, pesten en mishandelen van homoseksuelen. Ook wel potenrammen of pottenrammen genoemd.
Gaydar: Een radar voor gays, oftewel een gevoel voor wie homo- en wie heteroseksueel is. Het woord is ooit verzonnen voor een echt radarapparaat. Het idee was dat homoseksuele mannen en vrouwen o'n radar zouden aanschaffen en daardoor elkaar zouden kunnen herkennen.
Genitale wratten: Soa (geslachtsziekte) die veroorzaakt wordt door een virus.
Gezamenlijk gezag: Als de niet-biologische homoseksuele of lesbische ouder ook gezag heeft over het kind van de partner die het ouderlijk gezag heeft.
Gonorroe: Soa (geslachtsziekte) die veroorzaakt wordt door een bacterie.
Hepatitis B: Soa (geslachtsziekte) die veroorzaakt wordt door een virus.
Herpes genitalis: Soa (geslachtsziekte) die veroorzaakt wordt door een virus.
Heteroseksualiteit: Seksuele voorkeur voor mensen van het andere geslacht.
Hiv: Het virus dat de ziekte aids veroorzaakt.
Hiv-remmers: Zware medicijnkuur om de werking van hiv te onderdrukken en de ziekte aids uit te stellen. Ook wel combinatietherapie genoemd.
Homo: Benaming voor man met homoseksuele gevoelens.
Homo- en lesbisch-specifieke hulpverlening: Hulpverleners en instellingen die positief staan tegenover homoseksualiteit en weten op welke manieren homoseksualiteit van invloed kan zijn op iemands (psychisch) functioneren.
Homofilie: Ouderwetse benaming voor homoseksualiteit, waarbij de nadruk op liefde en niet op seks ligt. Ook wel gebruikt om onderscheid te maken tussen gevoelens voor mensen van het eigen geslacht enerzijds en seksuele contacten met mensen van het eigen geslacht anderzijds.
Homofobie: Angst voor homoseksualiteit, of discriminatie van homoseksuelen.
Homohuwelijk: Het huwelijk tussen twee mannen of tussen twee vrouwen. Inmiddels is in Nederland en België het huwelijk opengesteld voor homoseksuelen, dus eigenlijk is hier geen apart homohuwelijk meer.
Homoseksualiteit: Seksuele voorkeur voor mensen van hetzelfde geslacht.
Indirecte discriminatie: Meewerken aan discriminatie, dit kan bijvoorbeeld doordat een bepaalde maatregel voordeliger uitpakt voor hetero's dan voor homo's en lesbo's.
Insemineren: Met een niet scherp spuitje sperma inbrengen in de vagina, met het doel om zwanger te worden.
Juridisch ouderschap: Familierechtelijke betrekking tussen ouder en kind, in de wet gebaseerd op het biologisch ouderschap.
kid: Afkorting van Kunstmatige Inseminatie Donorsperma, oftewel inseminatie bij de spermabank of een andere kliniek.
Kontlikken: Het likken van de anus, ofwel poepgaatje. Ook wel rimmen genoemd.
Kontneuken: Neuken in de anus, ofwel poepgaatje.
Lesbienne: Een vrouw die op vrouwen valt. Soms afgekort tot lesbo.
Lesbisch: Een vrouw die op vrouwen valt, wordt ook wel lesbisch genoemd.
Lesbos: Grieks eiland waar de lesbi-sche dichteres Sappho woonde, en waar de woorden 'lesbienne' en 'lesbisch' vandaan komen.
Likken: Met de tong een vrouw laten klaarkomen door de clitoris te stimuleren, ook wel beffen genoemd.
Liwaat: Vergelijkbaar met Bijbels 'sodomie'. In context van de Koran betekent het: seksueel misbruik en losbandigheid. Later voornamelijk toegepast op mannen die zich laten neuken door andere mannen.
Lot: Bijbels figuur. God stuurde Lot naar Sodom en Gomorra om de inwoners te waarschuwen voor Gods straf. Men maakte zich daar schuldig aan sodomie: seksueel misbruik en seksuele losbandigheid.
Loet: Profeet in de Koran die zijn volk moest waarschuwen voor Gods straf. Zijn volk maakte zich schuldig aan sodomie: seksueel misbruik en seksuele losbandigheid. Vergelijkbaar met het Bijbels verhaal over Sodom en Gomorra.
Monogamie: De afspraak dat iemand zijn of haar partner trouw blijft op seksueel gebied (en niet 'vreemd gaat', dat wil zeggen ook met anderen vrijt).
Negeren: Doen alsof iemand niet bestaat. Dit is een vorm van pesten waar ook homoseksuele mannen en vrouwen mee te maken hebben.
Neuken: Met penis, vingers, dildo of vibrator binnengaan in vagina of anus.
Nicht: Benaming voor homoman, soms gebruikt als scheldwoord, soms als positieve benaming.
Ouderlijk gezag: Juridisch ouderschap; familierechtelijke betrekking tussen ouder en kind, in de wet gebaseerd op het biologisch ouderschap.
Partnerregistratie: Officiële relatievorm vergelijkbaar met huwelijk. Tussen 1998 en 2001 een alternatief voor het huwelijk, toen dat nog niet was opengesteld voor twee mannen of twee vrouwen.
pep: Post Exposure Profylaxis. Behandeling waarmee men probeert te voorkomen dat iemand na blootstelling aan hiv daadwerkelijk seropositief wordt.
Penis: Mannelijk geslachtsorgaan, lul.
Pijpen: Met mond en tong stimuleren van eikel en penis van de sekspartner.
Polikliniek: Een kliniek waar je direct geholpen kunt worden. Er bestaan speciale poliklinieken waar soa behandeld worden.
Poot: Benaming voor homoman, soms gebruikt als scheldwoord, soms als positieve benaming.
Pot: Benaming voor lesbische vrouw, soms gebruikt als scheldwoord, soms als positieve benaming.
Pot(t)enrammen: Lastig vallen, pesten en mishandelen van homoseksuelen. Ook wel op z'n Engels gay bashing genoemd.
Praatgroep: Groep homomannen of lesbische vrouwen die samenkomt om te praten over homoseksualiteit en onderwerpen die daarmee te maken hebben.
Provoceren: Seksueel getint gedrag met het doel om te shockeren. Vaak wordt homomannen verweten dat zij provoceren, bijvoorbeeld tijdens de Gay Pride of Roze Zaterdag.
Roze Zaterdag: Jaarlijks festival voor homoseksuele mannen en vrouwen, georganiseerd op de laatste zaterdag van juni, ter nagedachtenis van de Stonewall-rellen in 1969 in New York toen homoseksuelen in opstand kwamen tegen het politiegeweld.
Samenlevingscontract: Contract afgesloten tussen partners, bijvoorbeeld over het delen van een huishouden.
Sappho: Griekse dichteres die haar liefde voor vrouwen beschreef. Zij leefde op het eiland Lesbos waar de woorden 'lesbienne' en 'lesbisch' vandaan komen.
Seropositief: Besmet met het hiv-virus.
Sneltest: Hiv-test waarvan de uitslag binnen een uur bekend is.
Soa: Seksueel overdraagbare aandoening, oftewel geslachtziekte.
Sociale moeder/vader: Ouder die geen biologische band met het kind heeft, maar wel voor het kind zorgt.
Sodomie: Het woord 'sodomie' verwijst naar wat de bewoners van Sodom deden: allerlei vormen van seksueel misbruik tussen mannen en vrouwen, tussen mannen en zelfs met kinderen. Door de eeuwen heen is het woord gebruikt voor homoseks in het algemeen.
Sperma: Het mannelijk zaadvocht.
Spermadonor/zaaddonor: Man die zijn sperma afgeeft voor de zwangerschap van een vrouw, ofwel aan de spermabank ofwel aan de vrouw zelf.
Stereotypen: Vooroordelen over groepen mensen, bijvoorbeeld dat alle homomannen 'vrouwelijk' en alle lesbische vrouwen 'mannelijk' zouden zijn.
Syfilis: Soa (geslachtsziekte) die veroorzaakt wordt door een bacterie.
Testen: Je laten onderzoeken op hiv en/of andere soa.
Transgender: Mensen die zich tussen de seksen in voelen staan. Zij voelen zich niet helemaal man en ook niet helemaal vrouw.
Transseksualiteit: Het gegeven dat iemand in het verkeerde lichaam is geboren: mensen die als jongetje zijn geboren, maar zich eigenlijk vrouw voelen, of mensen die als meisje zijn geboren, maar zich eigenlijk man voelen. Zij kunnen van geslacht veranderen.
Travestie: Aankleden en opmaken als de andere sekse. Sommige mensen doen alleen thuis aan travestie, anderen ook op straat. Ook zijn er mensen die optreden als de andere sekse.
Vagina: Vrouwelijk geslachtsorgaan, schede, kut.
Veilig vrijen: Seks waarbij geen risico gelopen wordt om hiv en/of andere soa op te lopen of over te dragen. Het grootste risico op hiv kan worden voorkomen door condooms te gebruiken en geen sperma of menstruatiebloed in de mond te laten komen.
Vibrator: Langwerpig trillend speeltje om mee te neuken of de clitoris te stimuleren.
Vingeren: Met vingers een vrouw laten klaarkomen, door het stimuleren van de clitoris of anus.
Virus: Er is een verschil tussen infecties veroorzaakt door bacteriën of virussen. Bacteriën zijn groter en beter te bestrijden. Virussen zijn veel kleiner dan bacteriën en dringen door in andere cellen om zich te kunnen vermenigvuldigen. Daardoor zijn virussen ook moeilijk te bestrijden: geneesmiddelen kunnen geen onderscheid maken tussen wel en niet geïnfecteerde cellen.